KAN MIJN TWEELING VEILIG SAMENSLAPEN?

Het samenslapen is voor vele tweelingen heel fijn. Het bootst de situatie van hun prenatale leven na, waarin ze dicht bij elkaar lagen en elkaar voortdurend voelden.  Niet vreemd dus dat na de geboorte veel tweelingbaby’s beter en langer slapen als ze  bij elkaar liggen.

Dit is ook de reden waarom er in bepaalde ziekenhuizen gebruik gemaakt wordt van tweelingcouveuses. Deze zijn iets groter dan de normale couveuses en speciaal gemaakt voor tweelingen. Studies wijzen namelijk uit dat tweelingen, mits ze geen infectie-ziektes hebben, bij co-bedding (samen in de couveuse of wieg), minder ademhalingsproblemen hebben, beter op temperatuur blijven en sneller groeien. Daardoor komen ze eerder uit het ziekenhuis. Ook blijken heropnames minder nodig te zijn. Deze positieve invloed werd bij toeval ontdekt: in een Amerikaans ziekenhuis werd in 1995 een meisjestweeling met 28 weken geboren; Kyrie van 1300 gram en Brielle,  1000 gram. Kyrie groeide goed, maar haar zusje had problemen met de ademhaling en een onregelmatig hartritme. Ook was ze erg gespannen. De artsen vreesden voor haar leven en besloten als laatste redmiddel om haar bij haar zusje te leggen. Brielle nestelde zich direct tegen haar aan. Er was al snel een enorme verbetering zichtbaar: Kyrie ontspande, haar vitale functies werden stabiel en ze begon te groeien. Het samenzijn had haar gered! 

Dit zijn de voordelen van de co-bedding van een tweeling:

  • Ze houden beter hun lichaamstemperatuur vast
  • Ze vinden makkelijker een slaap-en waakritme
  • Het maakt hen rustig en ze slapen beter en langer.

Er zijn ook voordelen voor de ouders: een tweelingwieg neemt minder ruimte in dan twee wiegjes en kan dus in de ouderslaapkamer geplaatst worden. Dit verhoogt op zich weer de veiligheid van de baby’s want ouders, ook in hun slaap, zijn alert waardoor ze makkelijk eventuele problemen van hun baby’s opmerken. Veel kinderartsen raden tegenwoordig aan dat baby’s het eerste half jaar (of langer) bij ouders op de kamer slapen om het risico op wiegendood te verminderen. 

Veel tweelingouders vragen zich af of het wel veilig is om hun baby’s in één bedje te leggen.  Wat zegt onderzoek hierover? 

Helen L. Ball, antropologe en deskundige op het gebied van slaap en wiegendood, Universiteit van Durham (Engeland), heeft het thema zorgvuldig bestudeerd en ze concludeerde dat het voor meerlingen veilig is om de eerste drie maanden met elkaar te slapen. Het verhoogt niet het risico op wiegendood. Daarentegen vergemakkelijkt het de aanpassing aan het leven buiten de baarmoeder.  

Is een schotje tussen de baby’s nodig?

Zeker in het begin is dit niet nodig. De baby’s bewegen zich nog weinig en kunnen zich niet omdraaien. Maar wil je hen toch ieder hun eigen ruimte geven, dan is een schotje veiliger dan een opgerolde handdoek.

Ook bij Dubbelgeluk Tweelingwiegen kun je ervoor kiezen om een tussenschotje erbij te huren. Deze krijg je apart mee zodat je zelf kunt bepalen wanneer je deze ertussen wilt plaatsen.

De grootste zorg bij co-bedding is het feit dat de tweeling elkaar  in hun ademhaling belemmert. Zodra de tweeling zich gaat omdraaien, is het belangrijk om ze apart te leggen, nog wel samen in één kamer, maar niet meer samen in één bedje. Helen Ball raadt aan om na 3 maanden de tweeling apart te leggen; in de praktijk zie ik echter dat tweelingen langer bij elkaar slapen, zeker nu er geschikte tweelingwiegen bestaan. Ouders merken zelf wel wanneer het moment daar is. Zodra ze elkaar gaan hinderen, is het moment aangebroken om ze  apart te leggen.

Veiligheidsmaatregelen bij het samenslapen

Uiteraard moet er wel op een aantal factoren gelet worden. Het gaat om dezelfde voorzorgsmaatregelen als voor het voorkomen van wiegendood.  Het is een feit  dat meerlingbaby’s, vanwege vroeggeboorte en lager geboortegewicht,  een iets verhoogde kans op wiegendood hebben. Daarom zijn extra voorzorgsmaatregelen verstandig: 

  • De baby’s moeten het niet te warm hebben. Bedenk dat ze elkaar ook warm houden. Je kunt ze bijvoorbeeld beiden in een omslagdoek wikkelen en met één lakentje of dekentje toedekken. 
  • Leg de baby’s zij aan zij of met de gezichtjes naar elkaar. Na een aantal weken kun je ze ook zo neerleggen dat hun hoofdjes in het midden van de wieg liggen en hun lijfjes tegenovergesteld (hun voetjes raken dan ieder een andere kant van de wieg). Op die manier kunnen ze elkaars ademhaling niet belemmeren.
  • De tweeling moet niet samen in een reiswiegje gelegd worden. Die ruimte is te beperkt en dat verhoogt de kans op oververhitting. Een speciale tweelingwieg is de beste keuze.
  • Mocht je de ruimte in tweeën willen delen, kies dan voor een tussenschot in plaats van een opgerolde handdoek of kussen. Een vijflingvader, timmerman van beroep, maakte zelf een grote wieg in vorm van een bak en plaatste er vier tussenschotjes in. Zijn vijfling heeft er riant in geslapen (echt gebeurd bij een gezin in Zuid Spanje). 
  • Koud en warmte zijn beide risico- factoren.  Probeer ze dus te voorkomen.  Je kunt aan het nekje van je baby voelen of zijn lichaamstemperatuur goed is. Voelt deze bezweet aan, dan is hij teveel toegedekt. Als zijn voetjes warm zijn, heeft de baby het niet koud. Een baby moet niet aan felle zon blootgesteld worden en niet dichtbij een radiator slapen. Een temperatuur van achttien graden in zijn kamer is goed. Gebruik geen dekbedden en geen kussens. Een dekentje of een babyslaapzakje is het allerbeste.
  • Geef je baby’s, indien mogelijk, borstvoeding. Onderzoek wijst uit dat borstvoeding een beschermende factor is, mits de moeder geen slaapverwekkende middelen gebruikt. Ook is het gebruik van een speen aan te raden. Begin daarmee als de baby’s goed kunnen drinken.
  • Inbakeren van baby’s verlaagt het risico op wiegendood en helpt hen om goed te slapen. Ze zijn gewend aan de nauwe ruimte van de baarmoeder waarin ze stevig ingebakerd zaten. Een omslagdoek om hun kleine lijfje heen gewikkeld, geeft hen datzelfde veilige gevoel. Na ongeveer twee maanden, als de baby’s meer gaan bewegen, is het inbakeren niet meer verstandig.

Nog een laatste feit: sommige tweelingen vinden samenslapen niet fijn, of één van hen wil het niet. Dat merk je snel, want bij het naast elkaar leggen, begint eentje (of allebei) te huilen. Soms is er dan sprake geweest van knelzitten in de buik maar het kan ook met het karakter van het kind te maken hebben. Het komt niet vaak voor.

In mijn boek Het grote tweelingenboek (ook te koop in de webshop van Dubbelgeluk) vind je veel informatie over het opvoeden van een twee-en drieling, vanaf de zwangerschap tot en met de volwassen leeftijd. 

Eventuele vragen kun je stellen op: www.coksfeenstra.info

Coks Feenstra, ontwikkelingspsychologe, gespecialiseerd in meerlingen

Getagd met , , , , , , , , ,

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*